Veranderende verhoudingen: 1500 – 1850

Tussen 1500 en 1850 kwamen er geen nieuwe steden meer bij. Het economische zwaartepunt kwam in Holland te liggen.

Na de periode van grote stadswording in de 11e tot en met de 14e eeuw kwamen er geen nieuwe steden meer bij; in de steden buiten Holland begon een periode van stagnatie die bijna 4 eeuwen zou duren. De steden die groeiden, lagen allemaal in het westen. Haarlem en Leiden groeiden uit tot de grootste nijverheidssteden, Rotterdam en Amsterdam ontwikkelden zich tot internationale zeehavens. Amsterdam nam de dominante positie van Antwerpen over, nadat deze stad in Spaanse handen kwam en leed onder krimp en blokkades. Hiervan konden de havens van Middelburg, Vlissingen, Harlingen en Enkhuizen profiteren. Den Haag vormde het bestuurlijk centrum van de Republiek.

Economische bloei in het westen

De opkomst van Holland in de 16e eeuw hangt samen met een aantal machtsverschuivingen. Die van de steden in het oosten naar het westen, van de Zuidelijke Nederlanden naar de Noordelijke, en die van heren en vorsten naar de stedelijke burgerij. De aanzet van deze economische bloei werd gegeven tijdens de tachtigjarige oorlog. Tijdens de Opstand ontwikkelde de frontlinie tussen de Republiek en de Zuidelijke Nederlanden zich geleidelijk tot een grens. Het economisch kerngebied verplaatste zich naar het noorden. Na de val van Antwerpen ontwikkelde Amsterdam zich tot een van de belangrijkste knooppunten van de handel en scheepvaart in Europa. Mede door de godsdienstvrijheid werd Holland aantrekkelijk voor immigranten uit de Zuidelijke Nederlanden die kapitaal en kennis met zich meebrachten. Zij streken neer in Rotterdam, Leiden, Haarlem en Amsterdam waar de bevolking explosief toenam.

de Gouden Bocht in de Herengracht in Amsterdam vanuit het oosten, Gerrit Adriaensz. Berckheyde, 1671 – 1672Beeld: de Gouden Bocht in de Herengracht in Amsterdam vanuit het oosten, Gerrit Adriaensz. Berckheyde, 1671 – 1672. De Herengracht was een exclusief woongebied, met rijen grote grachtenhuizen in het groen. De bomen zijn overigens weggelaten om de architectuur beter tot zijn recht te laten komen. Bron: Rijksmuseum.

Stedenbouwkundige veranderingen

Veel 16e en 17e-eeuwse stadsuitbreidingen borduurden voort op de planmatige werkwijze die in de middeleeuwen was ontstaan. Zo werd in Harlingen een nieuwe wijk ten noorden van de stad aangelegd. Hierbij werd gebruik gemaakt van een centraal gelegen gracht met aan beide zijden straten, rechthoekige bouwblokken en een verkaveling volgens standaardmaten. Toch vonden er ook een aantal nieuwe ontwikkelingen plaats:

  • In de uitbreiding van Harlingen van rond 1600 werd door middel van de verkaveling segregatie van verschillende bevolkingsgroepen en functiescheiding toegepast. In Amsterdam gebeurde dit later op veel grotere schaal: buitendijks in het IJ kwamen de havens, de Jordaan werd een vestigingsplaats voor arbeiders en de grachtengordel was bestemd voor het wonen. Door deze functiescheiding kon de grachtengordel als luxe woongebied functioneren, met ruime percelen en huizen aan een brede met bomen beplante kade en erachter een grote tuin. Het verkeer werd van de woongrachten weggeleid en industriële bedrijvigheid was niet toegestaan.
  • Stadsuitbreidingen werden op de tekentafel ontworpen. Deze ontwerpen volgden niet meer vanzelfsprekend het onderliggende landschap. De kosten en baten werden zorgvuldig afgewogen. Zo werden bij de noordelijke uitbreiding van Leiden verschillende mogelijkheden onderzocht. Uiteindelijk is er gekozen voor een ambitieus plan met een orthogonale opzet, die weinig meer te maken te maken had met de prestedelijke verkavelingsstructuur.

Gouda weergegeven door Jacob van DeventerDe kaarten van Jacob van Deventer

Halverwege de 16e eeuw liet de Spaanse koning Philips II kaarten maken van de toenmalige Nederlanden. Cartograaf Jacob van Deventer werkte tot zijn dood in 1575 aan deze opdracht en produceerde honderden weergaven van 16e-eeuws Nederland. Hij maakte overzichtskaarten met de belangrijkste plaatsen en het omliggende landschap maar ook honderden plattegronden van steden. De reeks is uniek in de wereld; geen ander land is in deze periode zo nauwkeurig in kaart gebracht. De kaarten van Van Deventer zijn digitaal te raadplegen in de Kaart van de verstedelijking.

16e-eeuwse stadsplattegrond van Gouda door Jacob van Deventer. Bron: Nationaal Archief

Stilstand

Na het Rampjaar 1672 kwam er een einde aan de groei van de Hollandse steden. Engeland werd het nieuwe economische middelpunt en Londen nam de rol van Amsterdam over. De ruimtelijke expansie kwam tot stilstand om pas na 1850 weer een aanvang te nemen. Na de inval van de Fransen in 1794 trad een sterke centralisatie van het overheidsapparaat op. Hiermee kwam een einde aan de soevereiniteit van de gewesten en de steden. De centrale overheid ging zich bezighouden met de aanleg van infrastructuur, aanvankelijk kanalen en later ook spoorwegen. Hiermee werd de basis gelegd voor een nieuwe periode van groei in de tweede helft van de 19e eeuw.

plattegrond van de 17e-eeuwse stadsuitleg van AmsterdamBeeld: plattegrond van de 17e-eeuwse stadsuitleg van Amsterdam.