Hollandse Waterlinie

kaart met de Oude en Nieuwe Waterlinie en de Stelling van Amsterdam

Wanneer bleek dat inundatie een effectieve manier was om de landsverdediging te organiseren, werd in de 17e eeuw de Hollandse Waterlinie aangelegd.

Deze linie strekt zich uit over het terrein waar Nederland overgaat van hoog in laag gelegen poldergebied. Zo was het relatief eenvoudig om stukken land onder water te zetten door sluizen te openen of dijken door te steken.
Aan het begin van de 19e eeuw kwam er een opvolger: de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Deze waterlinie is ten opzichte van de oude een stuk opgeschoven in oostelijke richting. Behalve de bescherming van Utrecht had de nieuwe locatie ook een andere reden: door de afstand tussen de linie en de steden te vergroten, was de verdediging beter bestand tegen moderne aanvalswapens.
Bunkers Nieuwe Hollandse Waterlinie bij Bunnik
Beeld: bunkers Nieuwe Hollandse Waterlinie bij Bunnik

Als extra rugdekking werd aan het einde van de 19e eeuw de Stelling van Amsterdam opgetrokken. Bij een vijandelijke aanval zou de Nederlandse regering zich kunnen terugtrekken in Amsterdam. Om de hoofdstad ligt een cirkel van 135 kilometer bestaande uit tientallen forten, dammen en sluizen, onderling verbonden door dijken en liniewallen die het mogelijk maakten om het omliggende terrein binnen 48 uur onder water te zetten.

 

Cultuurhistorische betekenis

De 85 kilometer lange Nieuwe Hollandse Waterlinie heeft nog steeds veel impact op het landschap. Vanwege het vrije schootsveld is het landschap rond de linie lang open gebleven. Om de Nieuwe Hollandse Waterlinie zo goed mogelijk te kunnen behouden, heeft het een prominente plek in de ruimtelijke ordening. De tientallen forten en honderden afzonderlijke bouwwerken hebben als geheel een monumentenstatus gekregen. De landschappelijke waarde van de Stelling van Amsterdam is internationaal erkend; de stelling werd door Unesco aangewezen als werelderfgoed.
Torenfort Uitermeer
Beeld: Torenfort Uitermeer